Universiteitshoogleraren
De Universiteit Utrecht kent sinds 2001 de zogenaamde universiteitshoogleraar. Excellente wetenschappers met een disciplineoverstijgende visie en uitstraling. Een universiteitshoogleraar krijgt alle vrijheid om vernieuwende vormen van onderwijs en onderzoek te initiëren.
De universiteit kent momenteel (naast 2 honorair) 9 universiteitshoogleraren. Hij of zij is niet aan een specifieke onderzoeksprogramma of faculteit verbonden. Lees meer op deze pagina en via de pdf's en links hieronder.
Prof. dr. Gerard 't Hooft - 1 juli 2011
Gerard 't Hooft (1946) is vanaf zijn vroegste studietijd tot op heden aan de Universiteit Utrecht verbonden. Hij studeerde Natuurkunde aan de Universiteit Utrecht en is sinds 1969 verbonden aan het Instituut voor Theoretische Fysica; eerst als aio, later als hoogleraar. De wetenschapper is sinds 2003 tevens Akademiehoogleraar.
Gerard 't Hooft ontving in 1999 samen met Martinus Veltman de Nobelprijs voor Natuurkunde voor het vinden van een consistente beschrijving van elementaire deeltjes zoals die voorkomen in het standaard model. ‘t Hooft is nog steeds actief als internationaal toponderzoeker en is als docent betrokken bij het onderwijs in het bachelorprogramma van Natuur- en Sterrenkunde en het masterprogramma Theoretical Physics. Gerard 't Hooft heeft voor zijn bijdrage aan de wetenschap niet alleen de Nobelprijs ontvangen, maar is ook met vele andere prijzen en eredoctoraten geëerd.
Prof.dr. Rosi Braidotti - 1 maart 2011
Rosi Braidotti geniet een excellente internationale wetenschappelijke reputatie en heeft een groot aantal boeken en artikelen op haar naam staan, waarvan enkele in meer dan 20 talen zijn vertaald. Braidotti bekleedde verschillende visiting professorships o.a. in Londen, Melbourne, Frankfurt, Buenos Aires, the European University Institute in Florence en was als fellow verbonden aan het Institute for Advanced Study in Princeton. De Universiteit van Helsinki kende haar in 2007 een eredoctoraat in filosofie toe. In 1989 zette Braidotti een Erasmus netwerk voor vergelijkende vrouwenstudies NOISE op en in 1997 het Europees netwerk ATHENA, dat in 2010 de Erasmus prijs van de Europese commissie toegekend kreeg. In Utrecht was Braidotti de oprichter van het Gender Studies Program (1998). Zij was ook de eerste directeur van de Landelijke Onderzoekschool voor Vrouwenstudies (1995). Onlangs was ze een van oprichters van het Europese consortium ECHIC van Centres for the Humanities. Als oprichter en directeur van het Utrecht Centre for the Humanities werkt zij onder meer met prominente internationale wetenschappers als Paul Gilroy, Joanna Bourke, Charles Taylor, Judith Butler, Peter Galison en Donna Haraway. In haar universiteitshoogleraarschap streeft Braidotti naar een verdere uitbreiding van de interdisciplinaire rol van dit Centre for the Humanities. Zij benadrukt de combinatie van academische excellentie en sociale verantwoordelijkheid.
Prof.dr. Rick Grobbee - 1 februari 2010
Rick Grobbee (1957) was hoogleraar klinische epidemiologie aan de faculteit Geneeskunde en directeur van het Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde bij het UMC Utrecht. Rick Grobbee blijft als hoogleraar werkzaam in het Julius Centrum en blijft betrokken bij de verdere ontwikkeling van de Julius Clinical Research BV, een spin off van het UMC Utrecht. Grobbee richtte in 1996 bij het Universitair Medisch Centrum Utrecht het Julius Centrum op. Hij is lid van de Koninklijke Academie van Wetenschappen en van het bestuur van haar medische adviescommissie. Aan de Universiteit Utrecht leidt Grobbee een uitgebreid nationaal en internationaal programma voor onderzoek en onderwijs. Zijn ervaring dekt alle epidemiologische onderzoekstypen. Hij ontving verschillende wetenschappelijke prijzen en heeft meer dan 900 wetenschappelijke publicaties op zijn naam staan. Aan de Universiteit Utrecht was hij 4 keer ‘Promotor van het jaar’.
Prof.dr. Willem Hendrik Gispen - 13 november 2007 (honorair)
Willem Hendrik Gispen (1943) studeerde biologie in Utrecht en promoveerde daar in 1970 in de neurowetenschappen. Na postdoctoraal onderzoek in de Verenigde Staten, Italië en Zweden werd hij hoofd van de afdeling Moleculaire Neurobiologie aan de Universiteit Utrecht. In 1980 werd hij hoogleraar en in 1988 directeur van het Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen. Van 1996 tot 1999 was hij decaan van de faculteit Geneeskunde en vice-voorzitter van het UMC Utrecht. Vanaf 2001 was hij 6 jaar rector magnificus van de Universiteit Utrecht. Gispen is lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen en de Academia Europaea en voorzitter van de Board of Editors van het European Journal of Pharmacology. Eerder was hij president van de Federation of European Neuroscience Societies. Willem Hendrik Gispen ontving voor zijn wetenschappelijk werk diverse onderscheidingen waaronder 5 eredoctoraten.
Prof.dr. Willem Koops - 1 juni 2007
Willem Koops (1944) studeerde cum laude af in de psychologie in Groningen, waar hij ook promoveerde in de ontwikkelingspsychologie. Na 10 jaar Groningen, werd Koops in 1981 hoogleraar ontwikkelingspsychologie bij de Vrije Universiteit Amsterdam. In de jaren daarna was hij gasthoogleraar in Michigan en Jakarta.
Vanaf 2000 is Willem Koops als hoogleraar verbonden aan de Universiteit Utrecht. Hij werd in 2003 decaan Sociale Wetenschappen en is begin dit jaar herbenoemd voor 5 jaar. Koops’ onderzoek heeft vooral betrekking op de ontwikkeling van sociale cognitie; voorts publiceerde hij over de cultuurhistorische achtergronden van het denken over kinderen.
Prof.dr. Elsken van der Wall - 1 maart 2005
Elsken van der Wall (1960) is internist-oncoloog bij het UMC Utrecht, hoogleraar interne geneeskunde bij de faculteit Geneeskunde en associate professor aan de John Hopkins Universiteit in Baltimore (VS). Van der Wall's wetenschappelijke interesse is gericht op het ontwikkelen van nieuwe methoden in de behandeling van borstkanker. Zij is zeer actief in de publieksvoorlichting over borstkanker.
Prof.dr. Gerard van Koten - 1 februari 2004 (honorair)
Gerard van Koten (1942) was tot september 2007 hoogleraar organische synthese en decaan van de faculteit Bètawetenschappen. Daarvoor was onder meer wetenschappelijk directeur van de nationale onderzoekschool in de katalyse en voorzitter van de OC&W commissie vernieuwing scheikunde onderwijs havo/vwo. Bij zijn afscheid is Gerard van Koten benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Hoewel Van Koten officieel met emeritaat gaat, zet hij zijn wetenschappelijk werk voorlopig voort in Cardiff, Wales.
Prof.dr. Peter van der Veer - 1 februari 2004
Peter van der Veer (1953) is hoogleraar Comparative Religion aan de Universiteit van Amsterdam en was onder meer decaan van de Amsterdam School for Social Science Research.
Prof. Herman Philipse - 1 september 2003
Herman Philipse werd in 2003 universiteitshoogleraar in de wijsbegeerte aan de Universiteit Utrecht na 18 jaar hoogleraar in de wijsbegeerte geweest te zijn aan de Leidse universiteit. Hij studeerde af in de rechten en de wijsbegeerte (cum laude) aan de Rijksuniversiteit Leiden. Ook studeerde hij filosofie te Oxford, Parijs en Keulen en werkte aan de Universiteit Leuven. Hij publiceerde vele artikelen zoals 'A Defence of Empiricism', The Phenomenological Movement' en 'Overcoming Epistemology'.
Philipse schreef voorts meerdere boeken, zoals de kritische Heideggerstudie Heidegger's Philosophy of Being (Princeton University Press, 1998). In februari 2012 publiceerde Oxford University Press zijn boek God in the Age of Science? A Critique of Religious Reason. Naast zijn wetenschappelijk werk schreef hij talrijke artikelen voor een breder publiek en werd in Nederland bekend door zijn Atheïstisch manifest (Prometheus, 1995) en zijn optreden als columnist in het televisieprogramma Buitenhof.
In Utrecht verzorgt Philipse naast zijn andere onderwijs elk jaar een Studium Generale serie over wijsgerige onderwerpen, die op audio CD wordt gepubliceerd. Hij gaf voorts tot 2011 één trimester per jaar gastcolleges aan de Universiteit van Oxford.
Prof. Paul Schnabel - 1 december 2002
Paul Schnabel (1948) bekleedt de positie van universiteitshoogleraar één dag per week. De andere dagen is hij directeur bij het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP). Hij was voor zijn benoeming als universiteitshoogleraar al hoogleraar Sociaal en Cultureel Beleid aan de Universiteit Utrecht. Schnabel was onder andere decaan van de Netherlands School of Public Health, hoogleraar Klinische Psychologie in Utrecht en hoofd onderzoek van het Nederlands Centrum Geestelijke Gezondheidszorg. Eerder studeerde Schnabel sociologie in Utrecht en Bielefeld, en promoveerde in Rotterdam. Schnabel is lid van vele adviescommissies en is actief columnist in onder meer NRC Handelsblad en het Financieele Dagblad.
Prof.dr. Frits van Oostrom - 2001
De mediëvist prof.dr. Frits van Oostrom (1953) slaagt er in de waarde en de resultaten van geesteswetenschappelijk onderzoek ook voor een breed publiek inzichtelijk te maken. Tussen 1982 en 2002 was hij hoogleraar Nederlandse Letterkunde tot de Romantiek in Leiden. Ook was hij gasthoogleraar aan Harvard University.
Van Oostrom is de eerste universiteitshoogleraar van de Universiteit Utrecht, de instelling waar hij ook cum laude afstudeerde en promoveerde in de Nederlandse Taal- en Letterkunde. Nationale bekendheid kreeg Van Oostrom in 1996, toen zijn boek Maerlants wereld de AKO-literatuurprijs won. De SPINOZA-laureaat (1995) was onder meer voorzitter van de Commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon (sept. 2005- juli 2007) en president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (2005- 2008). Sinds 2009 is hij voorzitter van het landelijk Regieorgaan Geesteswetenschappen. Lees ook een interview met de universiteithoogleraar onder Utrechtse prominenten of ga naar www.fritsvanoostrom.nl.