Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Betawetenschappen
03.05.2012 | Faculteit Bètawetenschappen

  

Medicatiefouten na ontslag uit ziekenhuis voorkomen met transitiezorgprogramma

Bij 89% van de patiënten bestaat een onbedoeld verschil tussen de thuis gebruikte medicijnen en de medicijnen die werden voorgeschreven door het ziekenhuis. Dat blijkt uit onderzoek van Fatma Karapinar die op 25 april promoveerde aan de Universiteit Utrecht. In 80 % van de gevallen kon het medicijngebruik worden geoptimaliseerd. Karapinar is ziekenhuisapotheker in opleiding en onderzoeker in het Sint Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam.

De zorg rondom het gebruik van medicijnen is complex, omdat er vaak verschillende zorgverleners bij betrokken zijn. Dit kan leiden tot versnippering van gegevens over medicijnen, die tot fouten kan leiden. Deze medicatiefouten komen vooral voor wanneer de patiënt van de ene zorginstelling naar een andere gaat (transitie).

Voor dit onderzoek gebruikte de ziekenhuisapotheek een zogenaamd transitiezorgprogramma bij ontslag uit het ziekenhuis. Dit programma bestaat uit het achterhalen van het juiste medicijngebruik van de patiënt, patiëntvoorlichting waarbij medicijnwijzigingen gedurende ziekenhuisopname werden toegelicht en informatie-uitwisseling tussen ziekenhuis, huisarts en thuisapotheek. In het transitiezorgprogramma wordt de farmaceutische anamnese door de ziekenhuisapotheek gedaan in plaats van door de arts of verpleegkundige.

Patiëntveiligheid verbeteren

Tijdens het onderzoek werden 365 patiënten mét het transitiezorgprogramma vergeleken met 341 patiënten zonder het programma (de reguliere zorg). Bij 89% van de patiënten mét het transitiezorgprogramma werd een onbedoeld verschil met de medicijnen die thuis werden gebruikt, gecorrigeerd. Het medicijngebruik werd kritisch bekeken en gecontroleerd, waardoor het bij 80% van de patiënten werd geoptimaliseerd. Dit gebeurde bijvoorbeeld door medicijnen, bedoeld voor kortdurend gebruik (zoals slaapmiddelen en pijnstillers), te staken en zo overbehandeling en bijwerkingen te voorkomen. Patiënten met het transitiezorgprogramma waren meer tevreden over de voorlichting wat betreft medicijngebruik dan de patiënten zonder het programma.

Karapinar toont met dit onderzoek aan dat de medicatieveiligheid en patiëntveiligheid verbeterd kunnen worden bij ontslag uit het ziekenhuis. Om continuïteit van zorg echter zo goed mogelijk in te bedden, zullen zorgverleners uit het ziekenhuis en in de thuissituatie moeten samenwerken met elkaar én met de patiënt. Vervolgonderzoek zal moeten uitwijzen of het aantal medicatiegerelateerde heropnames daalt dankzij het transitieprogramma.

Meer informatie

Perscommunicatie Universiteit Utrecht, (030) 253 3550, perscommunicatie@uu.nl.