Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Geowetenschappen
01.05.2012 | Faculteit Geowetenschappen, Duurzaamheid

Buitenaardse oorzaak van de plotselinge klimaatverandering ontkracht 

Houtskool en nano-diamanten geen bewijs voor meteorietinslag aan het einde van de laatste ijstijd

Nano-diamanten en houtskool in de Nederlandse bodem is geen bewijs voor de vermeende inslag van een meteoriet tegen het einde van de laatste ijstijd. Dit blijkt uit onderzoek van de Faculteit Geowetenschappen van de Universiteit Utrecht samen met collega’s van de Universiteit Leiden en Universiteit Groningen.

Bewijs voor buitenaardse oorzaak klimaatomslag ontkracht

In 2007 werd door Amerikaanse onderzoekers een buitenaardse inslag boven de ijskap op Noord Amerika aangewezen als oorzaak van een plotselinge klimaatomslag naar koude condities. Deze inslag zou het uitsterven van de mammoet hebben veroorzaakt. De inslag veroorzaakte volgens de Amerikanen tevens bosbranden op wereldschaal en verspreidde het zeldzame element iridium en bij de inslag gevormde nano-diamanten. 

“Houtskool en nano-diamanten komen echter ook in jongere lagen voor, dus lang na de vermeende inslag. Daarmee lijkt het bewijs voor een buitenaardse oorzaak van de plotselinge klimaatverandering ontkracht”, aldus promovenda Annelies van Hoesel van de Universiteit Utrecht.

Houtskool in Usselo laag gevolg van bosbrand

In de Nederlandse ondergrond is de laag (de zogenaamde Usselo laag) die de overgang naar de Jonge Dryas markeert duidelijk herkenbaar in veranderingen in de vegetatie en komt er regelmatig een laagje houtskool voor, die in het Amerikaanse onderzoek gekoppeld werd aan de vermeende buitenaardse inslag. Voor het onderzoek werd bij Geldrop de Usselo laag nauwkeurig gedateerd en monsters werden onderzocht met elektronenmicroscopie. Uit het onderzoek blijkt dat de laag houtskool waarschijnlijk het gevolg is van een natuurlijke bosbrand en honderden jaren jonger is dan de vermeende inslag. Ook de nano-diamanten blijken jonger en hebben waarschijnlijk een andere oorsprong.

Tijdelijke koude periode na de ijstijd

Na de laatste ijstijd werd de opwarming van de Aarde plotseling onderbroken waarbij ijstijdomstandigheden terugkeerden. Deze tijdelijk koude periode na het einde van de ijstijd, Jonge Dryas genoemd, duurde van 12900 tot 11700 jaar voor heden. De kou werd waarschijnlijk veroorzaakt door het plotseling leeglopen van een enorm meer van ijssmeltwater naar de Atlantische Oceaan. Daardoor stopte de oceaancirculatie waarmee warm water van rond de evenaar richting het noorden stroomt. De bosbranden die rond deze tijd in Nederland plaatsvonden zijn ook te verklaren zonder buitenaardse inslag.

Het onderzoek is verricht door onderzoekers van de Faculteit Geowetenschappen van de Universiteit Utrecht samen met collega’s van de Universiteit Leiden en Universiteit Groningen. Het onderzoek is gepubliceerd in Proceedings of the National Academy of Science.

  • Lees het artikel online op de website van PNAS: Nanodiamonds and wildfire evidence in the Usselo horizon postdate the Allerød-Younger Dryas boundary
  • Neem voor meer informatie contact op met Annelies van Hoesel