Nieuws en Agenda
07.07.2010 | Faculteit Sociale Wetenschappen

 

Mondelinge feedback zet leerling aan het denken 

Hoe stimuleer je leerlingen om na te denken over hun eigen ontwikkeling? Door als docent met ze te praten over hun portfolio. Steeds meer scholen verwachten veel van een digitaal ontwikkelingsportfolio. Daarin verzamelen leerlingen over een langere periode hun eigen werk met bijbehorende reflecties. Docenten kunnen kinderen ondersteunen bij die zelfreflectie. Dit blijkt uit onderzoek van wetenschapper Marieke van der Schaaf van de Universiteit Utrecht.

In een portfolio houden leerlingen zelf bij wat ze doen en leren. Onmisbaar onderdeel van het leren is dat leerlingen ook nadenken over wat en hoe ze leren: reflectie. Van der Schaaf ontdekte dat portfolio’s voor slechts twintig procent bestaan uit vormen van reflectie. Ook ondervond ze dat leerlingen matig gemotiveerd zijn om met portfolio’s te werken, waarbij meisjes een iets grotere motivatie hadden dan jongens. De motivatie voor het samenstellen van een portfolio is niet gerelateerd aan de hoeveelheid en het niveau van reflectie in de portfolio’s.

Docenten zetten niet aan tot nadenken

Gesprekken tussen leerlingen en docenten naar aanleiding van de portfolio’s blijken eveneens voor twintig procent reflectief te zijn. Leerlingen hebben over het algemeen de neiging hun aanpak te beschrijven of toe te lichten zonder dat ze blijk geven hierover diepgaand na te denken. Docenten nodigen hen daar in de gesprekken vaak niet toe uit.

Dialoog belangrijk voor begrip

Volgens de Utrechtse onderzoeker kunnen docenten hun leerlingen helpen bij het reflecteren door tijdens de gesprekken over de portfolio’s en onderzoeksopdrachten een vaste gespreksindeling en vooraf bepaalde beoordelingscriteria te gebruiken. Ondersteunende feedback geven betekent niet alleen dat de docent vertelt wat goed en minder goed is, maar ook waarom dat zo is en hoe beter resultaat bereikt kan worden. Bij voorkeur krijgt de leerling de ruimte om op feedback te reageren zodat er een dialoog ontstaat waarin de leerling vragen kan stellen aan de docent, en de docent kan checken of de leerling de feedback begrepen heeft.

Deelresultaten van het onderzoek zijn ook via internet te zien in twee korte videofilms op Leraar24 (film 1 en film 2).

Marieke van der Schaaf (Universiteit Utrecht) voerde haar onderzoek uit met een subsidie van de Programmaraad voor het onderwijsonderzoek (PROO), onderdeel van NWO.

Meer informatie

Perscommunicatie Universiteit Utrecht, (030) 253 3550, perscommunicatie@uu.nl.